Hoe maakbedrijven hun energietransitie strategisch aanpakken
Marco Kirsenstein en Elsa van der Zwan van FME over de strategische keuzes achter een flexibele en energiezuinige industrie.
Welke keuzes maken maakbedrijven rond elektrificatie, energie-efficiëntie en flexibiliteit, en hoe bepalen ze hun route richting minder fossiel energiegebruik? Marco Kirsenstein, segment manager energie, grondstoffen en materialen en Elsa van der Zwan, business development manager innovatie, beiden werkzaam bij FME, delen hun visie.
“De energietransitie is volop aan de gang. We merken dat technologieleveranciers in de maakindustrie volop kansen zien om met hun technologie een bijdrage te leveren om de energietransitie waar te maken. Tegelijkertijd zijn ze ook afhankelijk van het beleid van de overheid. Een voorbeeld. De aankondiging van het kabinet dat een hybride warmtepomp vanaf 2026 de standaard zou worden voor het verwarmen van woningen, zorgde ervoor dat diverse maakbedrijven flink hebben geïnvesteerd in deze technologie. Later trok het kabinet die verplichting in. Dat leidde voor behoorlijk wat kopzorgen bij diverse ondernemingen. Op technologisch vlak is veel mogelijk, maar ook een consistent beleid is nodig om de energietransitie te kunnen waarmaken.” Aan het woord is Marco Kirsenstein, segment manager energie, grondstoffen en materialen bij FME.
Maakbedrijven omarmen nieuwe technologie. Kirsenstein: “We merken dat steeds meer bedrijven maatregelen nemen om in de toekomst flexibel te kunnen reageren op energievraagstukken. Hoe zorg je ervoor dat je onafhankelijk(er) wordt van het net? Vooral de grotere industriële bedrijven realiseren zich het belang van energiezekerheid. De vraag is niet langer óf we in Nederland te maken zullen krijgen met blackouts, maar wanneer. Hier moet je je op voorbereiden zodat je weerbaar wordt, bijvoorbeeld door flexibiliteit in te bouwen. Denk aan het afvlakken van de pieken, het opslaan van energie in accu’s of warmteopslagsystemen en het kunnen op- en afschakelen naargelang de beschikbaarheid van energie, …Dit is niet altijd even vanzelfsprekend. Daar proberen we als FME ondersteuning te bieden.”
Er komen steeds meer slimmere energiemanagementsystemen op de markt die vraag en aanbod heel gericht en slim kunnen sturen. Dat is een mooie ontwikkeling. Toch begint de energietransitie altijd met energiebesparing, immers, energie die je niet hoeft te gebruiken, hoef je ook niet op te wekken. Ook hier kan nieuwe technologie een belangrijke bijdrage leveren. Een van onze leden combineert sensor en dronetechnologie met AI om stoomlekken en niet-geïsoleerde leidingen in kaart te brengen. Dat is een mooie ontwikkeling.”
Elsa van der Zwan, business development manager innovatie bij FME vult aan. “Er is al vaak geroepen ‘Meten is weten’, maar dit is en blijft een belangrijke basisregel. Om te kunnen verbeteren moet je weten waar je staat en zul je je energiehuishouding in kaart moeten brengen. De digitale middelen die tegenwoordig beschikbaar zijn, maken het gelukkig eenvoudiger om alle energiestromen in kaart te brengen. We zien daarin een positieve verschuiving. Door te meten kun je sneller bepaalde maatregelen doorrekenen en een business case beter onderbouwen.”
Met diverse projecten ondersteunt FME bedrijven om te verduurzamen. Van der Zwan. “Neem VIBE, wat staat voor Versnelling van Industriële Besparing van Energie. In dit project helpen we samen met RVO en VEMW bedrijven om hun energieverbruik sneller te verlagen door bestaande, bewezen technologie in te zetten. Dit doen we door kennis te bundelen, oplossingen te valideren en praktijkvoorbeelden te delen. Met begeleiding worden routes uitgestippeld om te kunnen besparen.” Kirsenstein hierover: “In bepaalde deelsectoren in de industrie draaien processen al tientallen jaren op dezelfde manier. Systemen vervangen door energiezuinigere of duurzamere varianten zijn eenvoudige oplossingen, maar vaak zet het veel meer zoden aan de dijk als je bepaalde delen van de processen zelf kunt aanpassen. Hiermee kun je soms wel tot 40 à 50% besparen. Dit is natuurlijk veel spannender maar het creëert ook nieuwe mogelijkheden en verstevigt je concurrentiepositie. Dit hoef je als bedrijf niet alleen te doen. Vaak is krachten bundelen een deel van de oplossing.”
Van der Zwan benoemt nog een project van FME waar samenwerking een belangrijke rol speelt. “In het Fieldlab Industrial Electification (FLIE) bieden we een praktijkomgeving waar industriële eindgebruikers, energiebedrijven en technologiebedrijven kunnen samenwerken aan oplossingen om duurzame processen te versnellen. Soms hebben bedrijven een goed idee, maar weten ze niet waar ze moeten beginnen. Anderen hebben een technologie die ze nog willen valideren of ze willen eerst 100% zeker weten dat de technologie die ze willen implementeren ook de beste oplossing is voor hun specifieke proces. We bieden met FLIE een netwerk met faciliteiten om te testen en demonstreren. En dankzij haalbaarheidsstudies, marktscans en het verbinden van belanghebbenden met elkaar kunnen we als verbindende schakel de industriële elektrificatie handen en voeten geven waardoor business cases aantrekkelijker worden. Sinds april hebben we een pilothal in SubZero Rotterdam waar we samen met TNO en PlatformZero werken aan toepasbare oplossingen en de versnelling van opschaling en implementatie.”
Niet alleen lokaal in Rotterdam, maar ook landelijk zijn er diverse initiatieven. Kirsenstein: “De afgelopen jaren zijn er diverse fieldlabs opgestart om de duurzaamheid te versnellen. Belangrijk is dat we daarbij voorkomen dat we allemaal het wiel opnieuw uitvinden. Daar proberen wij als onafhankelijke partij zoveel mogelijk sturing aan te geven. Ook willen we de overheid ondersteunen om een visie te formuleren die weergeeft wat nodig is vanuit de bedrijven: duurzame efficiënte flexibele energiesystemen. Als we minder afhankelijk worden van fossiele grondstoffen en onze productie flexibeler kunnen afstemmen op de beschikbaarheid van duurzame bronnen als zon en wind, dan leidt dit tot een veel betere concurrentiepositie. Dit is uitdagend, maar door kennis met elkaar te delen en samen te werken kunnen we veel bereiken.”
Kennis delen doet FME ook tijdens de beurs Industrial Heat & Power. Van der Zwan besluit: “We vinden het belangrijk om hier nieuwe ontwikkelingen te delen en te netwerken zodat we samen verschil kunnen maken.”



